Het Halsema-effect

We zouden het met evenveel recht het Max Havelaar-effect kunnen noemen, maar Max Havelaar hoort in de eerste plaats het prachtige boek van Multatuli (Eduard Douwes Dekker) aan te duiden, en dat boek heeft niets te maken met het effect dat we hier willen beschrijven.

Dus: het Halsema-effect.

Wat is het?

Het komt er op neer dat iemand denkt: “ik ben groen en links* , dus wat ik doe moet wel duurzaam en progressief zijn”.

* (of christelijk, of moslim, of noem maar op)

Het Halsema-effect kan zelfs nog verder doorslaan. Het effect slaat ook op de situatie dat iemand een oproep doet aan anderen om ook groen (of enzovoort) te worden, door te laten zien hoe leuk dat is aan de hand van iets dat beslist niet groen is.

Een berucht/beroemd voorbeeld is het campagnefilmpje voor Groen-Links waarin Femke Halsema in een cabriolet rijdt, onderweg mensen laat in stappen, en ondertussen bijzonder vrolijk de wereld in kijkt. Kijk eens hoe leuk het is om groen te zijn!

Het enige probleem is natuurlijk dat voor de lol in een cabriolet rijden niets groens of duurzaams heeft: een open sportwagen verbruikt veel meer benzine dan een normale auto, en dat wordt nog eens verergerd door het steeds stoppen en optrekken. Terwijl autorijden zonder noodzaak überhaupt al niet milieuvriendelijk is.

Dat hoeft geen probleem te zijn, maar wanneer je het gebruikt om reclame te maken voor een partij die zich Groenlinks noemt, wringt er iets.

Het filmpje laat dan eigenlijk zien: “Kom lekker bij ons! Dan kun je doe wat je wilt en jezelf toch beter voelen omdat je groen bent!”

Nog een voorbeeld

Een ander voorbeeld is het reclamefilmpje van Max Havelaar (het fairtrade-merk) waarin een man in ochtendjas bij zijn zwembad in het wilde weg met een bladblazer staat te spelen. De boodschap was: “Ik koop Max Havelaar sinaasappelsap, dus ik kan doen wat ik wil; ik ben verantwoord bezig”.

Het filmpje is niet meer op internet te vinden. Max Havelaar is kennelijk gaan beseffen dat het Halsma-effect niet erg integer overkomt, en heeft het voor elkaar gekregen om elk spoor uit te wissen.

Bijna elk spoor dan: In dit artikel wordt uitgelegd dat Max Havelaar nieuwe doelgroepen probeerde te bereiken met het filmpje.

In de commercial verschijnt een gefortuneerde jonge man in zijn badjas voor de camera’s. Vrolijk danst hij met een blower door zijn riante tuin om de bladeren uit het zwembad te houden. Als het karweitje klaar is, neemt hij een grote slok sinaasappelsap uit een pak met een Max Havelaar-keurmerk. De slogan: ‘Je hoeft geen wereldverbeteraar te zijn om Max Havelaar-producten te kopen’.

Er staat ook in te lezen, net als in  dit artikel,  dat Max Havelaar geld voor dat filmpje kreeg van minister Herfkens van Ontwikkelingssamenwerking (wat het in mijn ogen extra schrijnend maakt).

Wat is er mis mee?

Je zou kunnen denken: “Wat is er mis mee? Het spoort mensen aan om te stemmen op Groenlinks of om spullen van Max Havelaar te kopen. Ook al doen ze dat om de verkeerde redenen, dat maakt toch niet uit? Het doel wordt tenslotte bereikt!”

Bladblazer-filmpje van Max Havelaar bij Beeld en Geluid
Bladblazer-filmpje van Max Havelaar bij Beeld en Geluid

Afgezien van de vraag of het doel inderdaad bereikt wordt (ik denk het niet: het filmpje van Max Havelaar is niet voor niets nergens meer te vinden; alleen een verwijzing op beeldengeluid.nl laat zien dat het filmpje wel degelijk bestaat of heeft bestaan), is het grote probleem van deze redenering dat het risico bijzonder groot is dat de verkondigers van de boodschap zelf in de boodschap gaan geloven.

Die boodschap is: “Alles wat ik doe is groen/verantwoord (enzovoort), want ik ben namelijk voor Groenlinks, of ik koop namelijk alles van het merk Max Havelaar.”

En in de praktijk blijkt dat de mensen die binnen een organisatie werken die dat als boodschap uitdraagt, zelf ook geneigd zijn zo te gaan denken. Je ziet dat bijvoorbeeld aan het feit dat de koffieboeren van Max Havelaar slechts één procent van de opbrengst krijgen.Bij cacoaboeren is het zelfs nog slechter.

Je ziet het ook aan de reactie van Max Havelaar op het bericht dat de fair-trade bananen geplukt worden door vluchtelingen uit Haïti: het is te duur voor kleine boeren om de kosten te betalen waarmee ze  de vluchtelingen staatsburger zouden kunnen maken, maar er wordt aan gewerkt om die kosten omlaag te brengen. Dat Max Havelaar die kosten zelf voor z’n rekening zou kunnen nemen komt niet bij ze op.

Ook bij Femke Halsema zie je zo’n effect: ze reed bijvoorbeeld in de verkiezingstijd netjes in een Prius, maar rijdt als de verkiezingen achter de rug zijn weer in haar oude Mercedes.

Zijn dit persoonlijke aanvallen?

Het lijkt misschien alsof dit stukje een persoonlijke aanval is op Femke Halsema, of op het merk Max Havelaar. Dat is zeker niet de bedoeling.

We gebruiken deze specifieke gevallen slechts ter illustratie van een gevaar. Het gevaar om te gaan geloven dat wanneer iets of iemand een etiket opgeplakt heeft gekregen, alles wat die persoon of dat bedrijf doet aan dat etiket voldoet (“goed” is).

Ik denk dat het wijdverspreide fenomeen van mannen binnen de katholieke kerk die zich aan jongens vergrepen ook hier op is terug te voeren. Ze hadden het idee dat ze vroom waren, dus moest alles wat ze deden wel goed zijn.

Elk woord, elke daad, zul je op z’n eigen merites moeten beoordelen. Zo niet, dan val je al snel ten prooi aan het Halsema-effect.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *